Isolatieglas
Isolerende beglazing kan leiden tot condensvorming op koude vlakken (zoals binnenzijde van een ongeďsoleerde buitenmuur). Vooral als de ventilatie van de woning onvoldoende is, kunnen op den duur vochtproblemen ontstaan.
Omdat HR++glas zo sterk isoleert, is de temperatuur van de buitenruit relatief laag. Daardoor kan 's nachts en 's ochtends condensvorming op de buitenzijde van het glas ontstaan.
Bij temperatuursverschillen van ca 30° of meer kan er een “thermische breuk” ontstaan. Een thermische breuk is geen productfout, maar het gevolg van sterke temperatuur-verschillen in het glas. U kunt de kans op thermische breuk fors verkleinen door:
- jaloezieën, lamellen of overgordijnen op enige afstand van de beglazing te plaatsen,
- verwarmingselementen niet te dicht bij de beglazing te plaatsen,
- de beglazing niet te beschilderen of te beplakken met plakfolie,
- geen grote voorwerpen te plaatsen aan de binnenkant, dicht achter de beglazing en
- handelingen te voorkomen die tot een temperatuurverschil in de beglazing kunnen leiden.

